Hoogmoed is een houding die we doorgaans eerder bij anderen herkennen dan bij onszelf. Toch raakt dit thema ons allemaal - juist omdat het bijna ongemerkt kan binnendringen in ons denken, ons geloof en onze omgang met elkaar. De Bijbel is er duidelijk over en laat zien hoe hoogmoed ons belemmert om te groeien in afhankelijkheid van God en in liefde voor onze naaste. In dit artikel willen we stilstaan bij wat hoogmoed is, hoe het zichtbaar wordt in ons leven en welke weg Gods Woord ons wijst om deze houding te doorbreken.
Hoogmoed (in de Bijbel) betekent dat een
mens zichzelf verheft boven anderen én boven God. Het is een houding van
zelfgenoegzaamheid, onafhankelijkheid en trots die leidt tot vervreemding van
God en uiteindelijk tot ondergang.
Wanneer je het woord hoogmoed letterlijk neemt,
zou je kunnen denken dat het ‘veel moed hebben’ betekent, maar dat is een misvatting.
Hoewel de woorden hoogmoed en moed niet verwant zijn, hebben ze wel
enkele overeenkomsten. Zowel echte moed als hoogmoed worden allebei zichtbaar
in gedrag dat sterk of zelfverzekerd lijkt. Maar de bron is totaal anders. Moed
komt voort uit overtuiging, liefde, verantwoordelijkheid, of vertrouwen op God.
Hoogmoed daarentegen komt voort uit zelfverheffing, angst om klein te lijken of
de behoefte aan controle. Je kunt hoogmoedig worden als je het eigen kunnen,
recht of inzicht overschat. Het is een houding waarbij iemand zichzelf té belangrijk
maakt, waardoor relaties, geloof en gemeenschap onder druk komen te staan. Het
gaat dus niet om kracht of lef, maar om een opgeblazen ego.
Hoe uit hoogmoed zich?
Wanneer je je hoogmoedig gedraagt, vertoon je neerbuigend
gedrag. Je geeft de indruk dat anderen minder weten, minder kunnen of minder
waard zijn. Zelfverheffing komt dan al snel om de hoek kijken.
Vaak is het ook zo dat je weinig kritiek kunt verdragen als
je hoogmoedig bent. Wanneer mensen je feedback geven, zie je dit als een
aanval. Je schiet dan meteen in de verdediging en wilt uitleggen waarom jij
vindt dat je gelijk hebt.
Een ander kenmerk van hoogmoed is dat je jezelf ernstig
overschat. Door te denken dat jij altijd gelijk hebt of jouw mening zwaarder
weegt, toon je weinig empathie. Hierdoor heb je wellicht weinig interesse in de
gevoelens, ideeën of grenzen van anderen. Je bent dan meer bezig met hoe je ‘overkomt’
en niet met wie de ander werkelijk is.
In Gods Woord wordt niet positief gesproken over
hoogmoed. Het boek Spreuken noemt het op diverse plaatsen. In Spreuken 16:18
lezen we: Trots komt vóór de ondergang, en hoogmoed komt vóór de val. Hier
leidt hoogmoed dus onvermijdelijk tot ondergang.
Spreuken 11:2 luidt: Komt overmoed, dan komt ook
schande, maar bij de ootmoedigen is wijsheid. Hoogmoed en schande worden geplaatst
tegenover nederigheid en wijsheid. En Spreuken 29:23 zegt: De hoogmoed van
een mens zal hem vernederen, maar de nederige van geest zal de eer vasthouden.
Het gaat hier om een omkering: wie zichzelf verheft, wordt vernederd.
In het Oude Testament spreken ook Jesaja 2:11-12, Psalm
131:1 en Obadja 3-4 over deze ‘ondeugd’.
In de geschiedenis over de torenbouw van Babel (Genesis
11:1-9) vinden we zelfs ‘collectieve’ hoogmoed en in Daniël 4 lezen we over koning
Nebukadnezar die een dramatisch voorbeeld is van hoogmoed die tot vernedering
leidt.
In het Nieuwe Testament wordt vaker over hoogmoed
gesproken dan in het Oude Testament. Er staat een mooi voorbeeld in de Bijbel
dat ik er even uit wil lichten. In Markus 10:35-45 komen Jakobus en Johannes
naar de Heere Jezus toe om te vragen of ze aan Zijn rechter- en linkerhand
mogen zitten in Zijn heerlijkheid. Jezus antwoordt hen dat ze niet weten wat ze
vragen. En als Hij hen vraagt of zij de drinkbeker kunnen drinken die Hij zal
drinken, antwoorden ze ook nog: ‘Dat kunnen wij.’ Ze beseffen totaal niet wat
ze vragen en wanneer de tien andere discipelen dit horen, nemen ze het de
broers kwalijk dat zij dit hebben gevraagd. Hun reactie doet vermoeden dat de
broers in feite hebben gedaan wat zijzelf ook graag hadden willen doen. Ook zij
wensen voor zichzelf de beste plaatsen in het Koninkrijk van de Heere Jezus. Hier
wordt duidelijk zichtbaar dat de hoogmoed die in ons eigen hart woont, aan het
licht komt door een afkeurende reactie op de hoogmoed van een ander. De Heere
Jezus waarschuwt Zijn discipelen voor een hooghartige geest. Hoogmoed volgt
hier - als het ware - op hoogmoed van anderen. Het is een zonde die blijkbaar diep
in ieder van ons verborgen zit.
Uiteindelijk is hoogmoed schadelijk voor je ziel. Los van
het feit dat je blind bent voor je eigen zwakheden, zul je ook geestelijk niet
groeien. In relaties zal er altijd afstand zijn en kun je regelmatig in
conflicten belanden of gewantrouwd worden. Een hoogmoedige houding staat altijd
in de weg.
Andere voorbeelden in het Nieuwe Testament:
Want ieder die zichzelf verhoogt, zal vernederd worden
en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden (Lukas 14:11).
In Lukas 18:9-14 - het gedeelte dat gaat over de
farizeeër en de tollenaar - wijst de Heere Jezus erop hoe religieuze hoogmoed
het hart verduistert, terwijl nederigheid rechtvaardiging brengt.
Denk niet hoger van uzelf dan u moet denken (Romeinen
12:3). Nederigheid wordt hier verbonden aan eerlijk zelfinzicht.
God keert Zich tegen de hoogmoedigen, maar aan de
nederigen geeft Hij genade (Jakobus 4:6b).
Dit verwijst naar Spreuken 3:34, maar Jakobus past het hier
toe op de christelijke gemeenschap.
Hoogmoed in de gemeente
Ook in hun geloofsleven kunnen christenen zich soms
hoogmoedig gedragen. Zo denken sommigen dat ze geestelijk ‘verder’ zijn dan
anderen. Binnen een gemeente komt het regelmatig voor dat hierdoor bepaalde
voorkeuren worden vastgehouden boven het gezamenlijk belang, hetgeen kan leiden
tot verblinding of zelfs tot verharding. Denk aan muziekkeuzes of het gebruik
van een bepaalde Bijbelvertaling.
Zo kan dienstbaarheid ook gebruikt worden om ‘gezien’ te worden, bijvoorbeeld
door veel taken op zich te nemen in de kerk. Het gaat dan vooral om waardering,
invloed en status.
Een hoogmoedige houding belemmert je bovendien in je geloofsgroei.
Wanneer je denkt alles beter te weten, zul je weinig meer leren uit Gods Woord
of van medechristenen. Zo’n houding kan in de gemeente zorgen voor onenigheid
en komt de eenheid binnen de gemeente beslist niet ten goede.
Wat zet de Bijbel er tegenover?
In een aantal van de geciteerde teksten over hoogmoed, is
al naar voren gekomen wat daar tegenover staat: nederigheid. Dit betekent niet
dat wij onszelf moeten haten, maar dat we God moeten grootmaken en niet
onszelf. Zo roemt Paulus in zijn zwakheden (2 Korinthe 12:5-10).
De Heere Jezus zegt: … wie onder u belangrijk wil
worden, die moet uw dienaar zijn. (Markus 10:43b). Hij is Zelf immers naar
de aarde gekomen om te dienen, niet om gediend te wórden. Hij is hét ultieme
voorbeeld van nederigheid. De geestelijke disciplines die je nodig hebt om
werkelijk te dienen, bijvoorbeeld luisteren, vergeven en in afhankelijkheid van
God leven, zijn hierbij zeer belangrijk. Uiteindelijk zal God genade en
wijsheid geven aan wie zich verootmoedigt (Spreuken 29:23 en 11:2).
Praktische stappen om hoogmoed te doorbreken.
Als we kritisch naar onszelf durven kijken, denk ik dat
iedereen in meer of mindere mate hoogmoedig is. Dat zit in onze zondige natuur
en die is hardnekkig. Wanneer ik naar mijzelf kijk, weet ik dat ik af en toe laatdunkend
over anderen denk. Soms zijn zulke gedachten er al voordat ik iemand ook maar
iets heb horen zeggen. Misschien moeten we bij onszelf te rade gaan waarom we zo
vaak gelijk willen hebben of waarom we bang zijn om zwak te lijken en gemaakte fouten
toe te geven. Daarnaast is het een goede oefening om jezelf te richten op het
actief luisteren naar anderen, zonder daarbij direct jezelf centraal te stellen.
Als we willen groeien in geloof en in alle facetten van ons leven meer op
Christus willen gaan lijken, zullen we hierin moeten ‘investeren’.
Het kan ook belangrijk zijn om - in alle liefde - medebroeders
en -zusters aan te spreken op een hoogmoedige houding. Dat is natuurlijk bijzonder
moeilijk en vergt tact en gebed, maar soms is het nodig. Laten we bidden voor
onszelf en voor elkaar om nederig te zijn. Dat zal God verheerlijken - alles is
tot eer van Hem. Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem
zij de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Amen (Romeinen 11:36).
Dit artikel is onlangs verschenen in 'Het Zoeklicht' nr. 07- 2026 en is een bijdrage die ik voor dit blad mocht schrijven.

Reacties
Een reactie posten
Fijn dat je een reactie achterlaat. Deze wordt eerst gecontroleerd dus het kan even duren voor je hem terugziet onder het bericht.