5 september 2018

Jakob legt zijn toekomst in Gods handen

Gisteren kwam op één dag twee keer dezelfde Bijbeltekst op mijn weg. Bijzonder vind ik dat altijd en ik laat zoiets dan ook niet met rust. Het ging om deze tekst uit Genesis 28:18-22.

'De volgende morgen vroeg nam ​Jakob​ de steen die hij onder zijn hoofd gelegd had, stelde die tot een opgerichte steen en goot er olie bovenop. En hij noemde die plaats ​Betel, maar tevoren was de naam der stad Luz. En ​Jakob​ deed een ​gelofte: Indien God met mij zal zijn, en mij behoeden zal op deze weg, die ik ga, mij zal geven brood om te eten en klederen om aan te trekken, en ik behouden tot mijns vaders ​huis​ wederkeer, dan zal de Here mij tot een God zijn. En deze steen, die ik tot een opgerichte steen gesteld heb, zal een ​huis​ Gods wezen, en van alles wat Gij mij schenken zult, zal ik U stipt de ​tienden​ geven'.


De eerste keer lazen we dit gedeelte 's avonds aan tafel (als onderdeel van een groter stuk uit Genesis 18) en later op de dag kwam ik hem tegen in het boekje 'Mijn geestelijke omgang met God' van Bobby Moore dat ik aan het herlezen ben.

Bovenstaand gedeelte uit het eerste Bijbelboek verbaasde mij in eerste instantie. De gedachte kwam bij mij op dat Jakob met God aan het onderhandelen was. 'Kan dit zomaar', vroeg ik mij af. 'Mag je dit 'eisen' van God? Mag je voorwaarden stellen?'
Het is mogelijk dat Jakob, in zijn onwetendheid hoe God te dienen en te aanbidden, Hem behandelde als een dienaar die iets voor je doet als je hem een fooi geeft. Toch ligt het denk ik meer voor de hand dat Jakob een hele nauwe band had met God en vanuit dit vertrouwen juist niet onderhandelde, maar zijn toekomst in Gods handen legde. De Statenvertaling maakt dit duidelijker:

En ​Jakob​ beloofde een ​gelofte, zeggende: Wanneer God met mij geweest zal zijn, en mij behoed zal hebben op deze weg, die ik ​reis, en mij gegeven zal hebben brood om te eten, en klederen om aan te trekken....

Hij kan in feite gezegd hebben:"Omdat U mij gezegend hebt, zal ik U volgen". Of Jakob nu onderhandelde of zich aan God verbond, vaststaat dat God hem zegende hoewel God ook nog een paar moeilijke lessen voor Jakob in petto had.

Ik vind het ook voor mijzelf een leerzaam stukje waarin Jakobs toewijding aan God duidelijk naar voren komt. De geestelijke omgang met God is een tijd van overgave en toewijding aan de Here en Jakob is hier een prachtig voorbeeld van voor ons. Hij geeft zich volledig over aan God.

1 opmerking:

Fijn dat je een reactie achterlaat. Deze wordt eerst gecontroleerd dus het kan even duren voor je hem terugziet onder het bericht.