Gehoorzaamheid komt niet tot stand door wetticisme

"Vanuit mijn beleving geschiedt gehoorzaamheid niet uit wetticisme. Vaak denken mensen benauwd: 'ik moet God gehoorzamen'. Ik denk echter dat gehoorzaamheid voortvloeit uit een gepassioneerde liefde voor God," vertelt zendeling en voorganger Jan Sjoerd Pasterkamp. Mijn vrouw vraagt wel eens of ik iets voor haar kan doen. Wanneer ik haar dan bijvoorbeeld wegbreng, doe ik dat uit liefde. Als de Bijbel spreekt over gehoorzaamheid staat dit in verband met de liefdevolle toewijding aan God.
"Ik heb eens gehoord dat er jaren geleden een wet in Amsterdam was aangenomen dat mannen hun vrouwen niet mochten slaan. Een vriend vertelde me hierover: 'ik heb nooit last gehad van die wet. Ik houd van mijn vrouw.'"
"Wanneer er laks wordt omgegaan met gehoorzaamheid onder christenen dan denk ik dat diepe liefde voor God ontbreekt. Als je Hem echt liefhebt, vindt je het heerlijk Hem te gehoorzamen, ook al is dat af en toe lastig. Dan doe je het graag."
Predikanten en voorgangers dienen in relatie tot gehoorzaamheid niet direct het te kort aan liefde te benoemen in de gemeente. Dat zou wetticistisch kunnen worden opgevat. Jan Sjoerd: "De eerste taak als dominee of voorganger is het maken van discipelen. 'Maakt alle mensen tot mijn discipelen' zegt Jezus. Mijn eerste opdracht is niet te prediken, maar mensen – mede door prediking – mensen te maken tot leerlingen van Jezus. Mensen vragen me wel eens hoeveel gemeenten ik heb gesticht. Dat is een verkeerde vraag. De vraag is: hoeveel discipelen van Jezus heb ik gemaakt."

Pasterkamp: "Vroeger had je meubelmakers. Wanneer je een goede was, was je een 'meester meubelmaker'. Een jongen die meubelmaker wilde worden werd leerling. Langzaam maar zeker leerde hij van de meester. Hij leerde bijvoorbeeld hoe hij een absoluut glad tafelblad te maken. Na een poosje werd hij bevordert tot gezel. Dan kwam er een moment dat de meester de gezel niets meer te vertellen had. De gezel was net zo goed als zijn meester. De meester had hem alles geleerd wat hij wist. De Heer zegt; wees mijn discipelen. Onze opdracht is te leren van de Heere Jezus. Anderen moeten ons daarbij helpen, om te leven als onze Meester. Een leerling meubelmaker kon op termijn een meester worden, kinderen Gods zijn echter nooit uitgeleerd."

"Een discipel volgt geen leer of kerk, maar een Persoon. Jezus zegt: 'Ik ben de Waarheid.' Waarheid is niet allereerst een leerstelling, maar een Persoon. Als je Die Persoon kent, en Jezus is je leven binnengekomen, dan heb je er wat aan, ook al heb je nog niet zo veel kennis van Hem. Je kan iemand niet in een dag leren om gehoorzaam te zijn. Het is een proces."

auteur: Rik Bokelman www.cip.nl


Reacties